Hij vertrok maandagochtend vroeger dan normaal naar Brussel want de rit was langer dan op een doorsnee weekstart. Hij had een fijn weekeinde beleefd daar in het Zeeuwse Yerseke. Vrienden hadden hem en zijn vrouw aangeboden in hun nu toch leegstaande tweede verblijf wat te gaan uitblazen. De lange eenzame wandelingen langs de Oosterschelde en in het zo goed als verlaten havenstadje deden deugd. Om te flaneren op een drukke Meir of op koppen te lopen aan de Vlaamse kust, daarvoor ontbrak hen de zin. Daar in Zeeland hadden ze echter geen mens gezien binnen een straal van tientallen meter en zich heerlijk en veilig kunnen ontspannen.