Gaat onze solidariteit met de Koerden verder dan goedkope verontwaardiging?

 

Uit mijn tussenkomst gisteren (9 oktober 2019) in de commissie buitenlandse zaken, als reactie op minister van buitenlandse zaken en defensie Didier Reynders, met als kernboodschap: Gaat onze solidariteit met de Koerden verder dan goedkope verontwaardiging en beseffen we wat de consequenties dan zouden zijn? Dat debat, dat niet gemakkelijk zal zijn wanneer we verder gaan dan de gemakkelijke slogans, kunnen we niet langer meer ontlopen.

"Wij doen federaal alleen mee met een programma dat vertaalt wat we ook fundamenteel in Vlaanderen willen"

 

Woensdagavond mocht ik onze vrienden van de Roeselaarse N-VA-afdeling toespreken. Toevallig stond Theo ( Francken uiteraard 😉) enkele kilometer verder op een affiche geprogrammeerd voor diezelfde avond. Enkele journalisten werden er op uit gestuurd om te luistervinken en vandaag sieren Theo en ik brede kolommen in De Standaard en Gazet van Antwerpen.

Pleidooi voor meer bescheidenheid bij politici

 

Eertijds ging het parlementaire jaar van start op de tweede dinsdag van oktober, kleine drie maanden na de afsluiting op 21 juli. Kamerleden konden altijd, los van de temperatuuromstandigheden, genieten van een Indian Summer. Sedert enkele jaren starten we anderhalve maand eerder, m.a.w. we zijn begonnen. Als de zomer tijd bood voor reflectie over het parlement, ook gekend als de wetgevende macht, dan is het nu dus de hoogste tijd om die te ventileren. Hopelijk kunnen deze nog net buiten de grijpklauwen van de dagelijkse actualiteit en los van partijpolitieke (schijn)maneuvers blijven.

Labels