Zondagsmijmering: Over... pakjes

Zondagsmijmering: Over... pakjes

Ik dorst amper in mijn klaviertje te tokkelen dat ook deze mijmering over pakjes zal handelen, ten derde male zowaar. Overvalt me met het nieuwe jaar een aanhoudende aanval van inspiratieloosheid, een schrijversblok, het zwarte gat?
 

Neen, en dat is het toppunt, menig ander thema schiet me wel degelijk door het zondagochtelijke brein en toch rest de overtuiging met die pakjes nog iets te kunnen aanvangen waarover dient gemijmerd.

Sedert enkele dagen zou mijn niet door uitnodiging uitgelokte verschijning in de woning die we zes jaar de onze mochten noemen mij tot inbreker maken. Anderen hanteren de vertrouwde sleutel nu als huissleutel. Ik wens hen het geluk dat wij er mochten beleven en ja, waarom niet, ook het godengeschenk daar moeder en vader te mogen worden. Het geboortehuis van onze spruit, waaraan hij geen herinnering zal overhouden, ging definitief over in andere handen. De gedachte moet nog inslijpen.

Het onophoudelijke gezeul met dozen van dat adres naar het nieuwe kende dus een afloop en daarmee kwam een bepaald onprettige plicht aan een succesvol einde. Edoch, daarmee de verhuis als afgelopen beschouwen moet een vergissing heten; in tegendeel het prettige is nu aangebroken, te weten: het heropenen der verhuisdozen, het openmaken der pakjes dus. In zowat naar brute schatting een tweehonderdtal dozen werd mijn boekenpatrimonium overgeheveld en die dienen uiteraard weer geopend.

Ik beleef mijn sloturen der dagen, tegen het verstandige advies in van mijn ledikantgenote die weet dat de jonge spruit de luttele slaapstonden wel eens wil onderbreken, als een zoetekauw in een snoepwinkel. Verloren zonen duiken weer op, oude vrienden laten zich weer de hand schudden. Boeken die ik verloren waande, die al jarenlang stof vergaren, waarvan ik het bestaan was vergeten, gaan nu weer door mijn handen, één voor één, stuk voor stuk.

De hiërarchie wijzigt wel fel met de jaren. Wat ooit onontbeerlijke literatuur leek, verloor doorheen de tijd zowat alle betekenis, blijkt het papier waarop het gedrukt werd niet meer waard. Andere ruggen, eertijds als naast de kwestie weggeduwd naar de diepere krochten mijner bibliotheek, ontpoppen zich nu als uitermate waardevol.

De tijd kan een genadeloze scheidsrechter zijn en de dozenpret die ik nu mag beleven leert nog maar eens dat snel oordelen uit den boze is. Tijdgenoten, te dicht met de neus op het gebeuren, zijn doorgaans erg slecht geplaatst om kaf van koren te scheiden; die overtuiging wordt deze dagen alleen nog meer uitgesproken.

Een drogredenen om niets weg te gooien, hoor ik mijn huisgenote besluiten. Ach, ik haal de schouders op bij de heerlijke wetenschap dat ik straks nog een paar dozen ga kraken, dozen die nu pakjes mogen heten.

Fijne zondag

Foto: Deze slechte weggooier kan zoonlief dan toch maar een uniek nostalgisch pakket retrokinderboeken offreren. 

Facebook, 18 januari 2026

Labels