Peter De Roover: “De wetgevende macht zou de primus inter pares moeten zijn, in de praktijk is ze vandaag het kneusje”
Bram Bombeek : Waarom wil de eerste burger van het land in de huid kruipen van een Franse aristocraat in Amerika?
Peter De Roover : De Tocqueville beschrijft de overgang van het Ancien Régime naar de democratische tijd en hij heeft daarmee een beweging geregistreerd waar wij niet meer bij stilstaan. Wij zijn vandaag door en door democraten, doordrongen van de gelijkheidsgedachte. Maar in zijn tijd was dat nieuw: zijn eerste boodschap was dan ook dat de democratie een blijver was, daarin was hij anders dan veel van zijn aristocratische tijdgenoten die droomden van een herstel van dat Ancien Régime. Maar hij had ook een scherp oog voor de risico’s die aan de democratie verbonden waren; vrijheid en gelijkheid die op gespannen voet staan, het gevaar van de tirannie van de meerderheid… Hij schreef over de VS als waarschuwing voor Frankrijk, niet omdat hij dat een model vond ofzo.
B.B.: Misschien is hij vandaag zelfs nog interessanter dan toen, want de oorlog in Iran, de tarieven, dat zijn allemaal dingen die buiten het parlement worden in gang gezet in de VS.
P.D.R: Als techniek zou de Tocqueville dat misschien niet zo erg gevonden hebben. Hij is parlementslid geweest en had in die zin geen hoge dunk van het parlement. Als politicus was hij overigens een subtopper. Het bizarre is dat hij het waarschijnlijk goed zou gevonden hebben dat die macht bij de president ligt omdat hij dacht dat de leidende elite een zekere gematigdheid aan de dag zou leggen. Terwijl het nu, om Trump niet te noemen, net omgekeerd is. Diegene die de Tocqueville zou gezien hebben als de matigende krachten, laten het vandaag afweten. Dus het resultaat zou het niet als wijs beleid gezien hebben. Absoluut niet.
B.B.: We willen het niet te veel over Amerika hebben eigenlijk, maar De Tocqueville voorspelde wel haarfijn hoe anti-elitaire sentimenten zouden beginnen opspelen. -
P.D.R: De Tocqueville had heimwee naar de elite, maar dan wel onder het motto: noblesse oblige. In zijn minder bekende boek L'Ancien Régime et la Révolution schrijft hij over hoe de privileges van de adel maar ergerlijk zijn beginnen te worden op het moment dat er niets meer tegenover stond. In het Ancien Régime zorgde de adel voor bescherming en bijstand. Als ze dat niet meer konden, was hun rol uitgespeeld. En dat is ook een interessante parallel met vandaag: als mensen zeggen dat parlementsleden graaiers zijn, dan is dat omdat men het gevoel heeft dat er niets meer tegenover staat. Dus de vraag is niet: verdienen politici te veel, maar verdienen ze het wel? In de betekenis van: wat doe je eigenlijk voor ons? Is dat parlement geen nutteloze klas geworden?
B.B.: De vraag is dus of het parlement vandaag nog genoeg macht heeft?
P.D.R: Binnen ons model van de trias politica is de wetgevende macht eigenlijk de primus inter pares. De rechterlijke macht kan maar oordelen op basis van de wet en de uitvoerende macht kan maar uitvoeren wat de wetgever heeft bedacht. In de praktijk vandaag is de wetgevende macht het kneusje van de drie. Een Amerikaanse president, die was in de tijd van de Tocqueville veel minder machtig, dus daar is een manifeste verschuiving van macht die ons model diepgaand verandert. De controlerende functie van het parlement is er nog altijd, maar de wetgevende functie is heel beperkt geworden door het internationale kader en het uitbesteden van beleid aan allerlei adviesraden en comités.
B.B.: Dan krijg je een situatie waarbij uw partij, de N-VA, moet zeggen: we zijn tegen ETS2 (de emissiebelasting voor particulieren), maar we stemmen er wel voor.
P.D.R: There is no alternative, dat is geen goede situatie inderdaad. De Tocqueville zat natuurlijk nog volledig in het model van de nationale staten. Internationale verdragen beknotten de speelruimte van de nationale parlementen. De uitvoerende macht is daar ook aan onderhevig, maar zij kan dat beter wegsteken. Het ironische is dat iemand als Bart De Wever het meest floreert als parlementslid, namelijk in de Europese Raad. Op nationaal niveau zit hij in de uitvoerende macht maar als regeringsleider zit hij daar als één van de 27 vertegenwoordigers, in een soort van Senaat. Er zijn geen regeerakkoorden, geen meerderheden, geen fracties… dat is echt nog het oude parlementaire spel waar individuele afgevaardigden elkaar moeten zien te overtuigen.
B.B: Wat zou De Tocqueville over “activistische rechters” denken?
P.D.R: Ook dat is heel interessant. Over rechters schrijft de Tocqueville dat ze per definitie conservatief moeten zijn. Een rechter moet ervoor zorgen dat het parlement geen gekke dingen doet, ze moeten de macht van de overheid inperken. Vandaag zie je eigenlijk dat die instelling bijna het omgekeerde doet: door allerlei “positieve” verplichtingen te formuleren gaan ze de overheid juist aanjagen. Puur technisch hebben rechters gelijk als ze bij kritiek zeggen dat de wetgever de regels dan maar moet aanpassen, alleen zijn die vandaag meer gebetonneerd dan de Bijbel. Ik denk dat het gemakkelijker is om het Vaticaan een nieuw apocrief boek te laten erkennen, dan om bepaalde internationale verdragen aan te passen. Wat je ook ziet is dat de lokale context ontbreekt, waar Tocqueville nochtans een grote liefhebber van was.
B.B: Het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens begon ooit als een conservatief project tegen het communisme…
P.D.R: Inderdaad, dat is weer zo’n omkering. Vandaag gaat de rechterzijde prat op de soevereiniteit van het volk, maar daar had de Tocqueville juist sterke reserves bij omdat hij meegemaakt had hoe Napoleon III eerst door het volk gekozen werd en dat plebisciet nadien gebruikte om zichzelf tot keizer te kronen. En zoals het woord “elite” vroeger een rechts-conservatieve invulling kreeg, is dat vandaag iets progressief dat we met het opgestoken morele vingertje associëren… Rechters in zo’n mensenrechtenhof hebben natuurlijk ook allemaal een visie op de maatschappij die - of je dat nu wil of niet - toch altijd doorschemert. In de VS wordt dat debat in het Supreme Court veel explicieter gevoerd tussen de rechters die voor een terughoudende interpretatie zijn en de rechters die het allemaal zo breed mogelijk willen invullen.
B.B: In Europa verwachten we ook meer van de overheid dan in de VS?
P.D.R: Exact. Naast de scheiding der machten had je in de tijd van de Tocqueville ook een tweede opdeling: die tussen de overheid en de niet-overheid. Vroeger was de Kerk een alternatieve overheid, zeker in de sfeer van het sociale. De Franse Revolutie, dat was een concurrent uit de weg ruimen hé. Vandaag is het niveau tussen het individu en de overheid verschrompeld. De ruimte die de overheid vandaag inneemt, zou De Tocqueville zeker geproblematiseerd hebben. De overheid als vader die ons niet naar de volwassenheid wil brengen, maar juist in een bepaalde kindsheid wil blijven drukken. Die ons van de wieg tot het graf begeleidt, op voorwaarde dat ze de enige is die dat doet. Dat is de grote discussie tussen vrijheid en gelijkheid, waarbij de vrijheid het kneusje wordt tegenover de gelijkheidsgedachte.
B.B. : Maar over de actualiteit nu; de andere regeringspartijen willen dat de overheid ook helpt met de prijzen aan de pomp. Uw partij verzet zich daar als enige tegen.
P.D.R. : Ja, kijk. De druk is natuurlijk heel groot, maar als politici staan we voor de realiteit dat die oorlog ons verarmt, punt aan de lijn. En de indruk wekken dat er ergens een zak geld ligt die we kunnen aanspreken, is vals. Dat wil dus zeggen dat iedere compensatie uiteindelijk door de belastingbetaler zelf wordt betaald. Als men nu nog zou voorstellen om een oorlogsbelasting in te stellen en de opbrengst daarvan te herverdelen… ik ben daar geen voorstander van maar dat zou ten minste eerlijk zijn. Ik moet mij een beetje neutraal opstellen als Kamervoorzitter, maar ik ben toch blij dat ik een partij zit die daar niet in meegaat.
B.B.: Doet de energiecrisis niet gewoon minder pijn in Vlaanderen? De meest verkochte auto’s in Vlaanderen zijn BMW’s en Tesla’s, vooral bedrijfswagens dus, terwijl Dacia het populairste model in Wallonië is.
P.D.R.: Wel ik hoop dat de hervormingen van Arizona ertoe leiden dat er in Wallonië meer mensen hun Dacia voor een bedrijfswagen kunnen inruilen, maar het omgekeerde is natuurlijk ook waar: als je generieke maatregelen neemt dan komen die ook te goede van mensen die dat eigenlijk helemaal niet nodig hebben. Het is alleszins opvallend dat zelfs liberale partijen - MR en Anders - collectieve maatregelen bepleiten en ingrepen in het mechanisme van vraag en aanbod.
Bij de Tocqueville ga je weinig economische inzichten vinden, dat was een blinde vlek van hem. Maar hij zou wel zeggen dat het verzachten van onvermijdelijke gevolgen op een pervers effect heeft. In die zin is dat een beetje vergelijkbaar met de transfers: in plaats van de confrontatie aan te gaan met de fundamentele economische problemen proberen we de gevolgen te verzachten. Maar met een pijnstiller genees je dus niet hé.
B.B.: Dreigt die energiecrisis ook een herhaling te worden van Covid? Met collectieve vrijheidsbeperkende maatregelen?
P.D.R.: Ik sprak gisteren met wat oudere mensen die eigenlijk wel goede herinneringen hebben aan die autoloze zondagen van de jaren ‘70. Dat waren gemeenschapsvormende activiteiten, zoals een brand in de straat dat ook is. Dan is het terug brood bakken en in de tuin werken, helemaal mijn ding. Maar dat sluit wat aan bij mijn vorig antwoord en bij wat De Tocqueville zou voorspellen: als je het prijssignaal probeert te temperen en zo eigenlijk het signaal geeft dat mensen hun gedrag niet moeten aanpassen, kom je uit in een situatie waar de staat wel moet ingrijpen. En dat was iets wat de Tocqueville scherp opmerkte: hij betreurde het wegvallen van de kerk, hoewel hij zelf wellicht ongelovig was, omdat hij dat als een instelling zag die de mensen hielp bij zelfregulering. En als de kerk het niet doet, zegt hij, dan zal de overheid het doen. En dat hebben we tijdens Corona wel gezien ja.
B.B.: Hoe heb je die periode zelf ervaren als oppositieleider?
P.D.R.: Veel van de Corona-maatregelen hadden een heel wankele basis. Daarin ben ik wel echt een grote verdediger van het parlementair debat: dat dient om te vermijden dat men dingen evident vindt. Een keer is dat echt gelukt, namelijk toen het idee bovenkwam van de verplichte vaccinatie. CD&V en zeker Vooruit waren daar voorstander van. Dat debat hebben we naar het parlement kunnen trekken, er zijn hoorzittingen gekomen en na die hoorzittingen was het idee dood. Niemand wilde dat nog verdedigen. Het is een misvatting dat linkse partijen niet voor “law and order” zijn, als het over milieu gaat is er niemand zo autoritair als een groene. In Covid hadden we die “law and order” reflex dus over gezondheid.
B.B.: Wat zou de Tocqueville eigenlijk denken van de afschaffing van de Senaat?
P.D.R.: De Tocqueville zou misschien de afschaffing van deze Senaat begrijpen, want die is voorbij de houdbaarheidsdatum. Maar principieel zou hij inderdaad voor het tweekamersysteem pleiten. Waarbij dan de Senaat ook een matigende, temperende rol zou spelen tegenover het wilde Huis van Afgevaardigden. Maar het is nu ook niet dat wij hier snel parlementen te kort gaan komen in dit land, dus op dat vlak maak ik mij voorlopig weinig zorgen. De onbalans met de uitvoerende macht is een uitdaging die wat mij betreft belangrijker is.
B.B.: Een Vlaams-nationalist is blijkbaar “de populairste premier sinds het begin van de metingen” volgens Het Laatste Nieuws. Hoe zou de Tocqueville dat verklaren?
P.D.R.: De Tocqueville zou wel erkennen dat mensen het natuurlijk op prijs stellen dat iemand ingrijpt en de problemen wil aanpakken. Dat is misschien ook de spanning vandaag: mensen beseffen ergens wel dat het met die begroting misloopt als we niets doen, maar het mag hen ook persoonlijk niet al te veel raken. Eerlijk gezegd dacht ik dat hij het moeilijk zou hebben om zijn voet naast De Croo te zetten op het internationale toneel, maar in de praktijk zie je dat hij zich daar als een vis in het water voelt. De Wever heeft een ontwapenend gebrek aan respect voor de diplomatieke geplogenheden, waarbij hij met zijn humor veel situaties kan ontmijnen. Goede talenkennis speelt ook een rol: hij spreekt Merz aan in het Duits, Macron in het Frans, Starmer in het Engels, dat ontwapent toch ook… Hij zou zelfs de Paus in het Latijn kunnen aanspreken. (lacht)
B.B.: Tot slot: als de Tocqueville vandaag in Europa zou rondreizen, zou hij België dan niet als een baken van stabiliteit zien?
P.D.R.: Het is te zeggen, ik weet niet of België zo stabiel is. Je ziet wel de destabilisering van de omgeving. Maar inderdaad, wij hebben een populaire premier, Frankrijk zit in een totale impasse, Nederland heeft een minderheidsregering, in Duitsland scheert de populariteit van Merz tegen de grond, Starmer zijn regering is op sterven na dood… Naar mijn gevoel is het dus niet zozeer België dat gestabiliseerd is, want we hebben de nodige problemen nog altijd. We zijn gewoon op onze nullijn gebleven terwijl de rest is achteruit gegaan. We pakken zelfs de problemen aan, voor het eerst in lange tijd. Het gaat allemaal wat traag soms, maar als je kijkt naar de parlementaire agenda: die is echt wel spectaculair goed gevuld.
Gepubliceerd op 9 april 2026
- Login om te reageren