Het Nationaal Pensioencomité

Het Nationaal Pensioencomité

 

Vraag van de heer Peter De Roover aan de minister van Pensioenen over "het Nationaal Pensioencomité" 

Mijnheer de voorzitter, mijnheer de minister, collega’s, vorige week is het Nationaal Pensioencomité officieel geïnstalleerd, onder de nodige aandacht. De vragen die u aan dat comité hebt gesteld, namelijk advies verstrekken over de zware beroepen, het deeltijds pensioen en het puntensysteem, zijn erg belangrijk voor de voleindiging van de ambitieuze pensioenhervorming die wij plannen.

Het was dan ook met enige verbazing dat ik deze ochtend las dat een vooraanstaand voorzitter van een vakbond dit een schijnvertoning noemde. Dit is heel vreemd, want wij hebben bij de bespreking van het wetsontwerp deze week voortdurend van de oppositie de vraag gekregen waarom er zo weinig sociaal overleg wordt gepleegd met het oog op de pensioenhervorming, terwijl het duidelijk is dat, zoals wij hebben gezegd, het louter aanpassen van de parameters niet volstaat. Daarom hebt u aan het Nationaal Pensioencomité gevraagd om ook voor de andere elementen oplossingen aan te dragen.

Het is ook vanuit die optiek dat het wetsontwerp dat wij nog in de plenaire vergadering moeten behandelen, inzake de verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd tussen het jaar 2025 en 2030, verschoven is, zodat wij nog ruim de tijd hebben. Dit is logisch, daar de middelen voor de pensioenen steeds meer uit de algemene begroting komen, dat het overleg tripartiet is. Dat de regering mee aan de tafel zit, is een consequentie van de verschuiving van de financiering in de sociale zekerheid.

Wij hopen dat het Nationaal Pensioencomité succesrijke adviezen kan geven, omdat het ons allen aanbelangt. Iedereen is ofwel met pensioen, of verwacht ooit met pensioen te kunnen gaan. Wij hopen dat een en ander niet op de lange baan wordt geschoven.

Mijnheer de minister, ik kom tot mijn vragen.

Ten eerste, welke timing zal het Nationaal Pensioencomité aanhouden?

Ten tweede, kunt u ten behoeve van het Parlement, en misschien ook van de betrokken vakbondsleider, bevestigen dat als de sociale partners niet tot oplossingen komen, de regering en het Parlement de knoop tijdig zullen doorhakken?

-----------------------------------------------------------------------------------------------------------

Mijnheer de minister, de grote woorden werden hier opnieuw niet gemeden. Ik heb nooit begrepen waarom het – als wij even lang zouden gaan werken als in de nabije buurlanden, wat de bedoeling is – zou moeten gezien worden als een aanslag op de sociale rechtvaardigheid. Ik versta hier dat de thema’s zware beroepen, deeltijds pensioen en puntensysteem peanuts zouden zijn. Ook daar ben ik niet helemaal mee maar dat zal wellicht aan mij liggen.

Het uitbouwen van een goed, duurzaam sociaal overleg is voor ons van het grootste belang. Politiek hebben wij het kader geschetst. Er is ruim tijd voor begeleidende maatregelen. Ik hoop dat dit sociaal overleg ook mogelijk is. Ik hoop dat het sociaal overleg niet vermoord wordt door de sociale partners zelf. Ik hoop dat zij hun verantwoordelijkheid nemen. Als het sociaal overleg echter faalt, dan is het natuurlijk onze democratische plicht als verkozenen om de knopen door te hakken.

Mijnheer de minister, ik mag ten slotte namens mijn fractie nog zeggen dat wij geen negatief vooroordeel hebben tegen inwoners van Chaudfontaine in het algemeen noch tegen huisartsen in het bijzonder.

 

Plenaire vraag van 2 juli 2015

Foto: Belga