De coronapas

De coronapas

Geachte (digitale) vrienden,

Naar elke week alouder gebruik vertrouw ik op zaterdag mijn parlementair wedervaren toe aan dit sociaal medium. Dat is op deze druilerige versie niet anders. De voorbije dagen waren hectisch waarbij ik van hot naar her door het parlement diende te hollen. Ongetwijfeld was de goedkeuring van het samenwerkingsakkoord, dat de juridische basis legt voor een verdere uitrol van de coronapas het meest belangwekkende. Onze fractie onthield zich. Zoals u waarschijnlijk al hebt ontdekt gaan bij mij waarschuwingslichtjes aan wanneer we richting pasjesmaatschappij schuiven.

Dinsdagochtend stond de bespreking en stemming van het samenwerkingsakkoord in commissie op de agenda. Hoewel de regering voor het reces haar woord had gegeven wetsontwerpen telkenmale minstens 48 uur voor behandeling door te sturen - een bevestiging van een al lang gehanteerde regel - kregen we de definitieve tekst pas daags voordien doorgestuurd. Op het Nederlandstalig advies van de Gegevensbeschermingsautoriteit (GBA), nochtans cruciaal in een dossier met dergelijke impact op de privacy, was het zelfs wachten tot anderhalf uur voor de zitting.

Mijn betoog aan minister Vandenbroucke (Vooruit) begon dan ook met een aanklacht tegen deze gang van zaken. Vervolgens nam ik de kans ten bate mijn collega’s en de minister te wijzen op de verreikende en gevaarlijke implicaties van het verder uitrollen van de coronapas, gekoppeld aan brede controles van de identiteitskaart.

Waar de strijd tegen de gemeenschappelijke vijand corona eerst voor saamhorigheid leek te zorgen – herinner u het applaus voor de zorg elke avond – zorgt de coronapas voor een gevaarlijke tweedeling binnen de maatschappij. Ik geloof heilig dat je door je te laten vaccineren een dienst verleent aan jezelf en diegenen rond je maar dat hoeft me nog niet met haat te vervullen jegens zij dat niet willen. Ik wijs er graag op dat er geen verplichting tot vaccinatie geldt, dus is er geen sprake van wetsovertreding. De idee dat het uitoefenen van grondrechten aan bepaalde voorwaarden onderhevig dient te zijn, schuurt uiteraard tegen de beginselen van onze grondwet. Alleen extreme omstandigheden, wanneer andere basisrechten in gevaar zijn, kunnen argumenten vormen om zo’n stap te zetten.

Los van mijn instinctieve afkeer van een pasjesmaatschappij gaat het dus over proportionaliteit. Wat is de verhouding tussen doel en middel? In mijn tussenkomst gebruikte ik de metafoor van de caravan om het steeds verder verschuiven van het rijk van de vrijheid te omschrijven. Begin dit jaar werd een vaccinatiegraad van 70 procent vooropgesteld als het moment waarop we de coronamaatregelen konden loslaten maar gaandeweg werden die ‘toegangsvoorwaarden’ verder en verder opgeschaald. De grens van 500 corona-opnames op intensieve die werd getrokken, lijkt vergeten want we zitten nu aan iets boven de 200.

Hoge vaccinatiegraad in Vlaanderen en opnames op intensieve ver onder de probleemgrens maar “We zijn nog niet thuis”, stelde minister Vandenbroucke. Dat huis leek mij dus meer op een caravan die steeds verplaatst wordt wanneer we in de buurt komen. Wanneer we in Vlaanderen nu, aan het einde van een vaccinatiecampagne die liep als een stoomtrein op kernenergie, nog niet de teugels zouden kunnen vieren, wanneer dan wel? De politiek heeft geproefd van absolute macht en het lijkt voor sommigen lastig die controledrang te lossen.

Anderzijds biedt het samenwerkingsakkoord, dat na de commissiebespreking dinsdag op donderdag in plenaire werd goedgekeurd, eindelijk de ruimte voor een gedifferentieerde aanpak. Buiten de “federale sokkel”, die een CST nog tijdelijk verplicht maakt in het nachtleven en bij massa-evenementen, kunnen gewesten voortaan zelf de coronapas inzetten waar ze die nuttig achten. Vandaar dat wij niet tegen stemden maar met onze onthouding - en de uitgebreide verantwoording, die ik zowaar weer kon afleggen op het centrale spreekgestoelte dat op mijn vraag eindelijk werd heropend - toch onze bekommernissen konden meegeven.

Zo wordt Vlaanderen niet gestraft voor het manke Brusselse vaccinatiebeleid. Heel mooi dus dat de Vlaamse regering het wijze besluit nam nergens op het Vlaamse grondgebied een verdere uitrol van de coronapas op te leggen. Gezond verstand heerst al eens vaker op het Martelarenplein dan in de Wetstraat.

Dinsdag holde ik van die commissie gezondheid enkele keren naar die van buitenlandse zaken voor vragen aan minister Wilmès over Afghanistan en de aanhouding van Carles Puigdemont, de geweldloze ijveraar voor Catalaanse onafhankelijkheid die nu al jaren door de Spaanse overheid wordt achtervolgd.

Brokkenpiloot Schlitz

Tijdens een drukke woensdagnamiddag, waar ik tussen drie commissies heen en weer schipperde, begaf ik me ook kort naar de commissie Gelijke Kansen, alwaar staatssecretaris Sarah Schlitz (Ecolo) mondelinge vragen kwam beantwoorden. Die sessies zorgen bijna altijd voor verbijsterende momenten.

Ik stelde een vraag over een hoogst haatdragend gedicht jegens Vlamingen dat Els Keytsman, directrice van het gelijkekansencentrum Unia, op haar Twitter had gedeeld. Schlitz was niet in haar beste vorm die dag, want eerder had ze het al ferm aan de stok gekregen met onze Valerie Van Peel en Kattrin Jadin (MR) over haar deelname aan een mars over de gevolgen van de lockdown waarop mannen niet welkom waren. Lijkt op het eerste gezicht enigszins banaal, maar gezien het brokkenparcours van de Ecolo-excellentie mogen we spreken van zeer verontrustende tendens waarbij ze eerder de naam ‘staatssecretaris van Ongelijke Kansen’ verdient. Mevrouw Schlitz was in haar antwoord haar militante en enggeestige zelve, wat bij coalitiepartner (nu ja?) Jadin tot zo’n grote woede leidde dat die de provocerende staatssecretaris haast de neus afbeet. Ze bleef maar roepen tijdens het betoog van een, wellicht gespeeld, verbaasde Schlitz en het scheelde niet veel of Jadin was ze hoogstpersoonlijk van het spreekgestoelte komen sleuren. Dat spektakel bleef ons helaas nog net gespaard.

Ik postte eerder al het filmpje van mijn interactie met mevrouw Schlitz op deze pagina maar sta me toe nog kort te herhalen dat deze staatssecretaris met voorsprong het meest onbekwame regeringslid is. Ze kijkt met een dogmatische woke bril naar de wereld, spreekt schabouwelijk Nederlands en kan geen antwoord geven als ze de voorbereide tekst door haar kabinet niet kan aflezen van haar computer. Dat ze mijn vraag waarschijnlijk zelfs niet verstaan had, bleek overigens uit het feit dat ze uitging van het tegenovergesteld wat ik haar net had gezegd. Een nogal schrijnend schouwspel alweer.

Minister Karine Lalieux (PS) gooide ik een reeks vragen voor de voeten over haar pensioenvoorstellen die, wanneer ik de tussenkomsten van leden van de meerderheid hoor, de individuele expressie vormden van haar individuele gevoelens. Echt nieuws kreeg het parlement niet te horen en de hoop op een hervorming die ons pensioenstelsel betaalbaar en robuust houdt, werd er niet groter op.

Ook minister Van Quickenborne (Open VLD) bevroeg ik - in de commissie justitie - over Puigdemont. Zijn antwoord leerde me alleen dat ook hij graag een bloedende neus veinst.

Plenum

Zoals we vorige maand de twintigste verjaardag van 9/11 herdachten, was er gisteren een gelijkaardige verjaardag in mineur, die van de paars-groene regering. Weinig reden tot vieren, allerminst voor de premier voor wie het eigenlijk allemaal nog moet beginnen. Lange tijd kon hij de onenigheid binnen zijn ploeg verschuilen achter het crisisbeleid maar nu dat op z’n eind loopt, komen de ideologische breuklijnen meer en meer naar de oppervlakte.

In het vragenuurtje wees ik de premier op zijn onzekere toekomst. De regering lijkt op een wankele schuit, waar de matrozen wild heen en weer over het dek lopen terwijl de kapitein zich in zijn kajuit verschuilt. Het blijft ook angstvallig wachten op de eerste liberale prijs, want voorlopig heeft de PS elke socio-economische prijs binnengehaald, wat de honger overigens niet kon stillen.

Hét grote thema tijdens de plenaire zitting was echter de problematiek van de sterk stijgende energieprijzen, en wat daaraan te doen? De voorbije week is al heel wat inkt gevloeid over dit complexe en interessante dossier, er is haast geen politicus die zich nog niet heeft uitgesproken in een poging zich in de gunst van de kiezer te werken. Ik ben natuurlijk enigszins bevooroordeeld maar mijns inziens steekt onze energiespecialist Bert Wollants er in die debatten telkenmale met kop en schouders bovenuit. Ook donderdag bracht zijn vraag en repliek een nochtans ongewoon strijdvaardige Tinne Van der Straeten (Groen) uit haar evenwicht.

Het laatste is in deze zaak nog niet gezegd en zoals Bill Clinton ooit al wist te zeggen ‘It’s the economy, stupid’. Wanneer de welvaart van een volk tijdens een regeerperiode daalt, zullen de machthebbers daarvoor het gelag betalen.

Ik zou nog heel wat kunnen zeggen over deze week maar laat me afsluiten met het hoofdpunt: de dag dat we met z’n allen het vermaledijde mondmasker desgewenst eindelijk zo goed als uit ons leven kunnen bannen. Het blijft toch een vreemd iets waar ik hopelijk nooit aan zal winnen. Ik vierde de herwonnen vrijheid alvast door zonder mondmasker een fijn boek te gaan kopen en bij het buitengaan te glimlachen naar de verkoper. Geluk zit ‘m soms in de kleine dingen.

Bij leven en welzijn tot volgende week.

Dit weekoverzicht verscheen voor het eerst op Facebook op 2 oktober 2021.